Header grondstoffen

Vitamine voor het voetlicht: essentieel vitamine D

di 29 maa 2016

Vitamine D is essentieel voor de mineralenhuishouding en het immuunsysteem. Een tekort aan vitamine D resulteert in weke, gebogen boten en verdikte gewrichten (rachitis), groeistoornissen, broosheid van botten en stuiptrekking als gevolg van calciumgebrek (bijv. melkziekte). Suboptimale niveaus kunnen aanleiding geven voor een slechtere groei (varkens, pluimvee) en een lagere melkproductie (melkvee, lacterende zeugen). Bij leggend pluimvee resulteert een vitamine D tekort in een slechtere eischaalkwaliteit...

Een essentiële vitamine die niet mag ontbreken
Vitamine D werd begin twintigste eeuw voor het eerst ontdekt, na de vitamines A, B en C. Daarom werd deze vierde vitamine D genoemd. De ontdekking kwam voort uit het onderzoek naar rachitis of Engelse ziekte. Dat is een ziekte die de botontwikkeling bij kleine kinderen belemmert; kromme beentjes zijn een bekend kenmerk van rachitis. Vooral onder kustbewoners was het al eeuwen lang bekend dat levertraan hielp tegen rachitis; in 1918 werd in de VS de stof in levertraan ontdekt die daarvoor verantwoordelijk was. Het was ook allang bekend dat kinderen in de tropen nauwelijks last hadden van rachitis; tussen 1919 en 1922 werd in Wenen vastgesteld dat de stof die de huid uit zonlicht maakt, dezelfde vitamine D is die in levertraan wordt gevonden.

Vitamine D is betrokken bij de calciumabsorptie uit de darm en de calciumafzetting in het bot; het stimuleert de synthese van calciumbindende eiwitten die het transport mogelijk maken. Daarnaast activeert deze vitamine PTH (paraathormoon) dat weer betrokken is bij de terugresorptie van natrium en calcium in de nieren en de uitscheiding van fosfor via de urine. Behalve een effect op mineralenhuishouding en botsterkte, heeft vitamine D ook een aantal ‘’non-skeletal’’ functies. Zo is vanuit de humane voeding bekend dat vitamine D een rol speelt bij de regulatie van de bloeddruk, bij het functioneren van het immuunsysteem, bij spiercontracties (bijv. partus) en bij de ontwikkeling van spierweefsel. Een tekort aan vitamine D resulteert in weke, gebogen boten en verdikte gewrichten (rachitis), groeistoornissen, broosheid van botten en stuiptrekking als gevolg van calciumgebrek (bijv. melkziekte). Suboptimale niveaus kunnen aanleiding geven voor een slechtere groei (varkens, pluimvee) en een lagere melkproductie (melkvee, lacterende zeugen). Bij leggend pluimvee resulteert een vitamine D tekort in een slechtere eischaalkwaliteit. Vitamine D is in feite een verzamelnaam voor vetoplosbare verbindingen met vitamine D activiteit. De meest bekende vorm, die we ook toevoegen aan onze diervoeders, is vitamine D3 (cholecalciferol). Daarnaast is ook vitamine D2 (ergocalciferol) bekend dat voornamelijk voor in planten en micro-organismen.

Lees hieronder de volledige notitie